Mensen zijn sociale wezens. Ze delen informatie, lief en leed met elkaar. Dat doen ze op straat, in de kroeg, of thuis aan de keukentafel. En steeds vaker ook op sociale netwerken, zoals Facebook.

Dat laatste betekent dus niet dat mensen die Facebook gebruiken simpelweg niet om hun privacy geven. Sociale netwerken zijn an sich net zo privacy (on)vriendelijk als, zeg, een keukentafel. Het privacy risico zit niet in de dingen die we bewust met elkaar delen. Het gevaar zit hem juist in datgene dat we onbewust dan wel ongewild delen met zij die onbedoeld meeluisteren.

Van belang is dus vooral hoe zo’n sociaal netwerk technisch gezien werkt. We gaan er van uit dat onze keukentafel niet volzit met sensoren, camera’s en microfoons. En we zouden maar wat raar opkijken als de verkoper van de tafel ons plotseling confronteert met de meest intieme zaken die ooit rond die tafel hebben plaatsgevonden. Sterker nog, we mogen er van uitgaan dat dat niet gebeurt.

Facebook is als een keukentafel, maar dan juist een die vol zit met dergelijke ‘bugs’. Facebook luistert mee, gebruikt het om profielen over ons te verkopen aan adverteerders, gebruikt het om de politie te waarschuwen voor verdacht gedrag, en kan ons in de toekomst op nu nog niet te voorspellen manieren confronteren met intieme zaken uit ons verleden.

Voor de duidelijkheid: een sociaal netwerk zoals Facebook is ook prima te bouwen zonder dat alle profielen centraal opgeslagen worden, en voor de beheerder allemaal toegankelijk zijn.

De keukentafel fabrikant trekt zich onderussen de haren uit zijn hoofd dat hij dit allemaal niet veel eerder heeft bedacht… Want kennelijk mag dit gewoon allemaal, en vinden we het allemaal wel best.