Het gebruik van het Burger Service Nummer (BSN) is sterk gereguleerd. In principe mag het alleen gebruikt worden door overheidsorganen, voor het uitvoeren van hun publieke taak. Soms is hier onenigheid over. Zo vind het CBP dat de ministeries het BSN niet mogen gebruiken in het uitgifteprocers van de Rijspas aan ambtenaren. Het ministerie van Binnenlanse zaken is het hier niet mee eens. Maar eigenlijk is dit een achterhoedegevecht dat de aandacht afleidt van de werkelijke problemen.

De gedachte is dat als we het gebruik van het BSN maar sterk inperken, dat dan het koppelen van gegevensbestanden onmogelijk is en de privacy van de burger beschermd wordt. Zeker, een uniek nummer als het BSN is een makkelijke manier om gegevens over dezelfde persoon uit verschillende bestanden te koppelen. Maar er zijn alternatieven. Zo kan men ook gebruik maken van de combinatie naam, geboorteplaats en geboortedatum (NGG, voor Naam GeboorteGegevens). Deze is (naamswijzigingen daargelaten) constant voor een persoon. In Nederland worden gemiddeld 500 kinderen per dag geboren. Zelfs als we er van uit gaan dat sommige namen op verschillende manier gespeld worden, dan lukt matchen van records nog steeds prima als we eerst op geboortedatum en geboorteplaats selecteren.

Het vertrouwen op het beperkt gebruik van het BSN strooit ons dus in feite zand in de ogen. Om onze privacy werkelijk te waarborgen kunnen we beter vertrouwen op de volgende uitgangspunten.

  • Verzamel geen identificerende gegevens als dat niet nodig is (BSN of NGG maakt niet uit).
  • Beperk of verbied het koppelen van databases (of dat nu d.m.v. BSN of NGG gebeurt).